Het dateren van Maan objecten

In het algemeen wordt aangenomen dat de 382kg aan maanstenen en monsters meegenomen door de Apollo astronauten (en een 3-tal Russische Luna maanlanders) iedere vraag over de Maan hebben beantwoord inclusief de leeftijden van de kraters, bergen en zeeën. Het tegendeel is het geval.

In feite is het inschatten van leeftijden van de meeste Maan objecten louter giswerk behalve van de 9 locaties die bezocht zijn in het kader van de Apollo en Luna programma’s.

Laten we eens kijken naar het prominente maankrater trio Theophilus, Cyrillus en Catharina. Deze complexe kraters zijn deel van de meest in het oog springende kraters op de Maan in het bijzonder wanneer de maanfase richting het eerste kwartier gaat.

Theophilus

Ze zijn groot, variërend tussen de 98 en 110 km en hebben een aantrekkelijke ligging aan de westkant van Mare Nectaris (oost en west op de Maan zijn tegengestelde hemelrichting!). Maar ondanks hun onderlinge nabijheid en hun relatieve diameters zal nader onderzoek belangrijke verschillen laten zien. Deze verschillen geven tevens aanwijzingen over hun verschillende leeftijden.

Kijk eens naar het raakvlak van Theophilus en Cyrillus. Het is duidelijk dat Theophilus een hap neemt uit Cyrillus. Dit betekent dat Theophilus ontstaan moet zijn na Cyrillus. Dit zijn de aannames die astronomen maken. Maar hoe zit het dan met Catharina? Als je de omgeving observeert met een telescoop zie je twee belangrijke aanwijzing:

  1. observeer hoe de kraterwand minder stijl en prominent lijkt te zijn in vergelijk met die van zijn buren;
  2. kijk hoe Catharina’s bodem bezaaid is met kleine kraters en dat de noordwand weg geblazen is tijdens de formatie (het onstaan) van de 46 km brede Catharina P.

Door de geschiedenis van de Maan heen hebben regelmatige inslagen haar bodem gevormd. Als gevolg mogen we stellen dat hoe ouder een bepaald object is hoe meer kraters er aanwezig zullen zijn. Tevens zijn oudere objecten veelal minder prominent zichtbaar dan jongere objecten.

Onze aanwijzingen veronderstellen dat Catharina als eerste ontstaan is gevolgd door Cyrillus en tenslotte door Theophilus. Het weten van de volgorde van ontstaan is nog niet hetzelfde als de krater dateren. Om te kunnen dateren hebben we meer aanwijzingen nodig.

De maansteen monsters van Apollo 16 wijzen erop dat Mare Nectaris ongeveer 3,92 miljard jaar geleden is gevormd bij een inslag van een object op het maanoppervlak. Het is duidelijk dat het trio van kraters hierna ontstaan is. Als we kijken naar de subtiele lange en smalle verzakking langs de oostzijde van Catharina zien we een andere aanwijzing. Dit kenmerk is het resultaat van de inslag die Mare Imbrium heeft veroorzaakt ongeveer 3,85 miljard jaar geleden. Omdat Catharina de oudste van de drie kraters is zijn de andere twee jonger maar hoeveel jonger?

Als we nu Theophilus observeren kunnen we zien dat er nog restanten van maanstralen op de bodem van Mare Nectaris zijn verspreid. Maanstralen zijn geen lang leven beschoren op het maanoppervlak en hun aanwezigheid wekt de indruk dat Theophilus niet ouder dan 2 miljard jaar is. Deze inschatting komt aardig overeen met onze inschatting dat Theophilus de jongste krater van het trio is.

Inzake Cyrillus kunnen we alleen met zekerheid zeggen dat de krater ouder dan 2 miljard jaar en jonger dan 3,85 miljard jaar is.

Maar totdat er nieuwe maansteen monsters worden genomen in de regio zal precieze datering nog even op zich laten wachten.

Leave a Reply